De Franse veldwesp, een warmtewinnende soort, maakt gebruik van de oplopende temperaturen waardoor hij enorm in aantal toeneemt. Dit blijkt uit de jaarlijkse ronde langs alle wespenbestrijdingsdiensten uit het land. Dit jaar zou er een twee keer zo groot aantal meldingen dan normaal zijn in Zeeland. Het lijkt tot nu toe, op basis van het aantal meldingen van wespennesten, een aanzienlijk beter wespenjaar te zijn dan vorig jaar.

Uitsterven?

Afgelopen week werd door verschillende nieuwsbronnen gemeld dat de wesp aan het uitsterven is. Dit is helemaal niet het geval, blijkt uit de jaarlijkse ronde langs een groot aantal wespenbestrijdingsdiensten die verspreid zijn over alle delen van het land. Wel zijn er de afgelopen jaren een aantal slechte wespenjaren geweest. In grote delen van Nederland werden vorig jaar weinig wespennesten aangegeven. Het voorjaar was koel ten opzichte van het voorjaar van 2014. Daardoor kwamen de wespenmeldingen dit jaar twee tot vier weken later dan vorig jaar. Maar sinds de hittegolf die deze maand begon, groeit het aantal meldingen snel.

Grote toename

Ten opzichte van vorig jaar merken dit jaar bijna alle benaderde bestrijders een zeer grote toename van het aantal wespennestmeldingen. In de omgeving Gieten zijn drie tot vier keer zoveel meldingen gedaan als vorig jaar. In de omgeving van Groningen zijn ze enorm druk en in Friesland, Drenthe en Overijssel zijn ook veel meer meldingen gedaan dan voorgaande jaren. Geschat wordt zo’n 40% meer ten opzichte van vorig jaar. Op de Veluwe zijn nu al meer wespennesten gemeld dan de gehele afgelopen zomer. Ook in Hoofddorp zijn de wespen lekker bezig, met een toename van het normale afgelopen jaar.

Iets meer dan gemiddeld

In Ede en omstreken worden bijvoorbeeld niet heel veel meldingen gedaan. In de Betuwe zijn er ook niet meer meldingen gedaan dan vorig jaar, wat al een slecht jaar was. Aan de oostkant van Brabant is het met 10% meer meldingen tot nu toe wel drukker. In Zuid-Limburg is het rustiger dan het afgelopen jaar wat niet zo gek is aangezien het daar toen een goed jaar was. Een ‘normaal jaar’ is het in Zeeland en in West-Brabant wordt aangegeven dat het een vrij gemiddeld jaar is. Al met al kenmerkt 2015 zich als een iets meer dan gemiddeld wespenjaar.

Zuidelijke gasten

Er komen verschillende soorten wespen voor in Nederland. Door bestrijders wordt er de laatste jaren steeds vaker melding gemaakt van de Franse veldwesp, net zoals dit jaar. Bijvoorbeeld in Zeeland. Daar zijn twee keer zoveel meldingen van Franse veldwespen gedaan dan normaal. De wespensoort komt van oorsprong uit het zuiden, maar wordt waarschijnlijk aangetrokken tot de stijgende temperaturen in Nederland. In het noordwesten van het land wordt de veldwesp tot nu toe weinig gezien.

Uiterlijke kenmerken Franse veldwesp

Het lichaam van de Franse veldwesp is wat smaller en hij heeft zichtbaar langere achterpoten dan de Duitse en gewone wesp. Zijn voelsprieten zijn licht gebogen aan het uiteinde. De Franse veldwesp is doorgaans minder agressief dan de Duitse en gewone wesp. Ook blijven de nesten van de Franse veldwesp aanzienlijk kleiner dan die van de Duitse en gewone wesp.

Lastige bestrijding

De Franse veldwesp is voor bestrijders veel moeilijker te bestrijden, want er zitten vaak meerdere nesten dicht bij elkaar in de buurt. Bij een melding bleken er op één dak bijvoorbeeld vijftien nesten te zitten. Wespenbestrijders moesten vorig jaar opvallend vaak terugkomen na een bestrijding, omdat er toch nog meer nesten zaten. Waarschijnlijk ging het in veel gevallen om de Franse veldwesp en zagen ze de nabijgelegen nesten in eerste instantie over het hoofd.

Hevige neerslag

2009 was het laatste echte wespenjaar en sinds toen zijn de cijfers niet meer zo hoog geweest. Niet de bestrijdingsmiddelen, maar de (extreme) weersomstandigheden zijn waarschijnlijk verantwoordelijk voor die geleidelijke achteruitgang van de wesp. De extreme regenbuien eind mei, waarbij meer dan 50 millimeter regen viel in een uur, waren vorig jaar de oorzaak van het lage tot zeer lage wespenaantal in grote delen van Nederland. In gebieden met zware neerslag meldden bestrijders een grote daling van het aantal meldingen van wespennesten. Het was vorig jaar een aardig wespenjaar in gebieden waar de buien niet overtrokken, zoals Zeeland.

Effect zomerstorm

Een enquête onder 50 bestrijdingsdiensten liet zien dat 24% veel minder meldingen had dan normaal, 42% had minder dan normaal, 25% had een normaal aantal en maar 5% had meer dan normaal. Niemand gaf aan dat ze veel meer meldingen hadden binnen gekregen. De vraag is wat de zwaarste zomerstorm ooit gemeten die over ons land trok met de wespen heeft gedaan. Men vermoedt dat de neerslagintensiteit vooral bepalend is. Onduidelijk is nog hoe zwaar de buien zijn geweest, maar als de windsterkte ook bepalend is, dan heeft de zomerstorm een flink effect gehad. Dat zal de komende weken blijken.

Moeilijk voorjaar

Er waren ook weinig wespen in 2010 en 2012. In 2010 lagen de aantallen waarschijnlijk laag door lage temperaturen met nachtvorst in april. 2011 was een gemiddeld jaar. In 2012 werden de koninginnen in januari al gewekt door hoge temperaturen, maar in februari trad een strenge vorstperiode op. Daarna was maart weer enorm warm, maar april relatief koud. Daardoor hebben de meeste koninginnen het voorjaar niet overleefd.

Overlast, maar ook voordelen

Inmiddels beginnen op verschillende plaatsen wespen al lastig te worden. Mensen die de afgelopen dagen gingen barbecueën, ondervonden mogelijk de interesse in vlees van wespen. Dat is een mooie voedselbron voor hun larven. De echte overlast zal dit jaar pas in augustus plaats vinden. Momenteel zijn de werksters nog zeer druk bezig met het vangen van insecten zoals (zweef)vliegen, steekmuggen en langpootmuggen die ze voeren aan hun larven. Een nest van de Duitse wespen met 5.000 werksters kan vele tienduizenden insecten per dag verorberen, blijkt uit wetenschappelijke literatuur. Ze vangen gemiddeld anderhalf insect per uur. Een wespennest brengt dus voordelen met zich mee.

Bron: www.naturetoday.com