Veldmuizen worden tegengehouden door een stuk faunarand. Deze faunarand bevindt zich tussen het graan en een faunarand. Als de faunarand de Veldmuizen niet tegenhield, brachten zij schade aan de oogst. Dit onderzoek is aangetoond door Werkgroep Grauwe Kiekendief. Tevens is de faunarand voordelig te bemerken voor dieren die muizen eten. Om ervoor te zorgen dat schade van muizen in het vervolg wordt tegengegaan, is het van belang om te onderzoeken hoe de leefwijze van op zichzelf staande muizen verloopt.

Natuurbraak

Een mengelmoes van baldadige planten wat wordt ingezaaid in faunaranden noemt men natuurbraak. De natuurbraak herstelt zich op natuurlijke wijze, omdat er in deze faunaranden jarenlang geen bewerking is geweest van haar bodem. Diverse types akkerbouw ondervinden daarentegen wel regelmatig bewerking van haar bodem. Het resultaat hiervan is dat de muizenbevolking hierop afkomt. Het gaat vooral om de Veldmuis. Uilen en roofvogels eten muizen en is voor hen een voordeel.

Twee problemen

Er ontstaan in deze situatie alleen wel twee problemen. Het eerste probleem: voor de vogels zijn de muizen lastig te vangen, want de begroeiing is aan de hoge kant. Het tweede probleem luidt: er wordt door de Veldmuizen schade toegebracht aan de beplanting wat zich naast de faunarand bevindt. In last van het Faunafonds heeft de Werkgroep Grauwe Kiekendief een nieuwe natuurmaatregel getest. Hieruit moet blijken of hierdoor de twee problemen verholpen zijn.

Natuurmaatregel

De natuurmaatregel luidt: een buffer van de luzerne tussen het gewas en faunarand. De luzerne wordt driemaal in het jaar gemaaid en zorgt voor de aanwezigheid van Veldmuizen. Hierdoor is het voor de vogels mogelijk om de muizen te vangen en wordt het aantal muizen overmatig veel. De luzerne zorgt er daarnaast voor dat de ruimte tussen het gewas en natuurbraak wordt vergroot. Het effect hiervan is dat er maar weinig muizen het graan bereiken.

Muizen afzonderlijk herkenbaar

Door een mini onderhuids elektrisch identificatiemiddel te plaatsen op de Veldmuis, kon de luzernebuffer worden getest door de muizen afzonderlijk herkenbaar te maken. Om de Veldmuizen te vangen, werden er op diverse plekken vallen geplaatst waar zich luzerne en faunaranden bevonden of wintertarwe. Het akkergebied van Oost-Groningen was hiervoor toegewezen. Het gebied waar de vallen werden neergelegd, was gesloten. Hierbij werden er dagenlang muizen gevangen en deze zelfde muizen weer opnieuw gevangen. Hierna werd geconcludeerd op welke plekken de Veldmuizen kwamen en hoe vaak ze door het gewas en natuurbraak heenliepen.

Resultaten

In 2014 werden er 400 Veldmuizen gevangen en in 2015 383. Deze muizen kregen allemaal een mini onderhuids identificatiemiddel. Wat bleek? 40% minder Veldmuizen liepen er tussen een luzerne-faunarand en tarwe dan tussen een faunarand wat zich direct naast tarwe bevond. Hieruit is het effect gebleken dat een bufferstrook daadwerkelijk helpt. De muizen lopen minder vaak de tarwe in vanuit de faunarand. Er zijn nog meer positieve kenmerken te benoemen wat betreft de bufferstrook. Zij heeft namelijk ook ecologische kwaliteiten. De resultaten zijn in het rapport ‘Luzerne-faunaranden als buffer tegen muizenschade’ terug te lezen.

Duitsland en Spanje grote schade

In Nederlandse akkergebieden komt weinig voor dat Veldmuizen verder uitbreken. Op plekken in de weidegebieden van Zuidwest-Fryslân was dit wel geval. De Veldmuizen hebben afgelopen winter veel schade aangericht. Plagen van muizen doen zich niet alleen in landen voor waar veel gras ligt. Neem bijvoorbeeld Duitsland en Spanje. Muizen zorgde er in deze landen voor dat er ruim 100.000 hectares groepen planten aan gorde gingen. En dan met name tarwe. In Duitsland was de schade zo’n 130 miljoen euro. Om ervoor te zorgen dat soortgelijke schade in Nederland niet ontstaat, moeten de akkers en graslanden gemonitord worden. Vervolgens moet een plan worden opgesteld.

Uitbraak Veldmuizen

Hoe het komt dat er op de ene plek wel Veldmuizen uitbreken en op de andere plek niet, is het niet voldoende valide om erachter te komen om hoeveel muizen het daadwerkelijk gaat. Het is ook van belang om te zien waar de muizen heengaan. Hierover beschrijft het onderzoek het hulpmiddel van het onderhuids elektrisch identificatiemiddel (transponder). Het is van belang om uit te zoeken wat de muizen doen. Dit kan worden achterhaald door hen te volgen op verschillende plekken in landschappen. Voorbeelden hiervan zijn: stukken grond met of zonder buffer, bijvoorbeeld luzerne wat zich naast milieu bevindt waar veel muizen leven. Denk hierbij aan bermen, sloottaluds en faunaranden.

Ecologisch belang

Gezien de vorige alinea, is het relevant om niet te vergeten dat muizen staan voor een groot ecologisch belang. Zij zijn bijvoorbeeld de basis van voedsel voor vele soorten uilen en roofvogels. Daarnaast beogen zij een landbouw waarbij muizen een belangrijke rol genereren.

Bron: www.naturetoday.com